Handen wassen!

De natuur levert ons een schat aan lekkere en gezonde hapjes. Maar er zijn kapers op de kust: vogels en insecten, en bacteriën, virussen, schimmels. Die hebben het ook voorzien op die hapjes, of op onze gezondheid. In de natuur heerst een eeuwigdurende strijd op leven en dood.

De mens weet zich aardig staande te houden in de natuur. Wilde dieren houden we op afstand, schadelijke insecten en schimmels spuiten we dood en tegen veel ziekteverwekkers hebben we medicijnen.

De gevaarlijkste belagers zijn de allerkleinste: virussen en bacteriën. Virussen krijgen we vooral via de lucht of lichamelijk contact binnen, terwijl schadelijke bacteriën vooral via de voeding ons lichaam binnendringen.

Het gevaar schuilt in vlees

Ziektekiemen horen niet in voedsel te zitten. Maar wegens de eeuwige biologische strijd zitten zulke micro-organismen er vaak tóch in. Het gaat dan meestal om verse, bederfelijke producten en vooral om dode dieren (vlees, kip, vis); met biscuitjes of hagelslag is zelden wat mis.

Goede hygiene

Het antwoord op deze bedreiging is: goede hygiëne. Dat geldt voor de hele keten van productie en handel van voedingsmiddelen. Een goede hygiëne moet beginnen bij de boer. Daarna moeten vervoerders schoon werken, en zeker slachterijen, waar alle dieren samenkomen. Vervolgens de winkel en tenslotte de consument zelf: vervoer van vlees in een warme fietstas of kofferbak vráágt om problemen.

Eenmaal thuis kan het alsnog misgaan. Een uitgepakt kipfiletje kan makkelijk wat bacteriën opdoen van het aanrecht of van niet-gewassen handen.

Goed bewaren in de koelkast garandeert niet dat er niks aan de hand is. Bij lage temperaturen gaan bacteriën niet dood en kunnen ze zich toch nog vermenigvuldigen. Noodzakelijk bij alle vlees is dus: goed doorbakken Dat overleeft geen enkele bacterie.

Handen wassen helpt

Beschuldigende vingers wijzen wel naar de grootschalige voedingsindustrie: dáár vandaan zouden ziektekiemen breed worden verspreid. Soms is dat zo, al wordt dat steeds minder door de strenge hygiëne-eisen aan vooral slachterijen.

Wat consumenten zelf kunnen doen is vrij simpel: hygiënisch werken. Dus: handen wassen, en goed doorbakken. Dat is vooral van groot belang voor wie lekkere hapjes maakt om (enkele uren later) te serveren. Juist in die paar uur tussen bereiden en opeten schuilt het gevaar van voedselvergiftiging.

onhygienisch

Hygiënecodes

Allerlei voedselverwerkende bedrijven (slachterijen, zuivelfabrieken, restaurants en dergelijke) moeten moeten 'schoon' werken. Maar wat is 'schoon'? Dat staat meestal precies omschreven in een code.

Voor verschillende types bedrijven zijn afzonderlijke hygiënecodes geschreven door de overheid. Vaak zijn dat Europese regels, die dus voor alle bedrijven in de EU gelden. Voor wie wil weten wat er zo al staat in zo'n code, kan kijken bij de VWA.
Een overzichtelijke lijst is te vinden bij FoodHolland.

Hield elk bedrijf zich maar altijd aan die codes!

 

HACCP

Als een bedrijf wil voldoen aan een (verplichte) hygienecode, moet het zijn bedrijfsvoering soms flink aanpassen. Het moet bijvoorbeeld duidelijk in kaart brengen wat er fout kan gaan, en hoe dat te voorkomen.
Het inzichtelijk maken van de risico's gaat via een gevarenanalyse, in het engels hazard analysis of critical control points (haccp).

Méér weten
over voeding?

Op zoek naar meer eerlijke info over voeding? Bezoek dan ook eens AllesOverVoeding.nl. Dat is 'een verbeterde versie van deVoedingswijzer'.

 


Actueel       Eten&drinken       Boodschappen       Keukenkast       Plantaardig       Dierlijk       Import